Henry Gray & Bob Corritore Sessions Vol 2 – Cold Chills Reviews

Blues Blast Magazine
Living Blues
Midwest Record
Paris Move (France)
Rootstime.be (Belgium) WTJU New Blues & Soul

 


Midwest Record (October 9, 2020)

 

A distillation of 20 years worth of sessions of Corritore jamming with Gray, the sideman list here is so wide ranging I think everyone is on this disc but me. Stone cold bad ass blues, everybody here mixes it up in fine form no matter their background or age. Central Street? Beale Street? 47th Street? It’s all here and more. A real killer diller of a set that needed to escape from the vaults.

 

– Chris Spector

Paris Move (France) (October 22, 2020)

 

Depuis son fameux Rhythm Room (club qu’il dirige à Phoenix), Bob Corritore a saisi l’opportunité d’enregistrer quantité de sessions avec les musiciens qu’il y programmait. Sur une période de 22 ans, il a ainsi recueilli nombre de captations d’artistes obscurs ou légendaires, représentant chacun une des multiples facettes du blues, qu’il fut historique ou contemporain. À la jonction des deux, le long partenariat qu’il entretint avec le pianiste et chanteur Henry Gray tient une place particulière, puisque les deux compères finirent par y entretenir une relation quasi-filiale. Cinq ans après le Volume 1 (“Blues Won’t Let Me Take My Rest”, paru sur le défunt label Delta Groove) paraît donc enfin le second volet de leurs aventures communes. Décédé mi-février de cette année à 95 printemps, Henry Gray alignait plus de sept décennies d’activité musicale, et son jeu contribua largement à forger l’esthétique du piano blues moderne, auprès de lascars tels que Sunnyland Slim, Pinetop Perkins, Eddie Boyd ou Otis Spann. Natif de Kenner, bled louisianais proche de Bâton Rouge, il arriva à Chicago à l’âge 21 ans, et ne tarda pas à s’y frayer un chemin dans la turgescente scène des clubs locaux. Sous la houlette du grand Big Maceo, il s’y lia avec nombre de musiciens professionnels locaux (dont Jimmy Reed, Billy Boy Arnold et Elias McDaniel, alias Bo Diddley), et accéda ainsi à ses premières sessions studios en tant qu’accompagnateur. En 1952, la première d’entre elles permit de l’entendre derrière un certain James A. Lane, plus connu sous le sobriquet de Jimmy Rogers (et alors guitariste en titre de Muddy Waters). Suivront des séances auprès de pointures telles qu’Homesick James, Sonny Boy Williamson II, Robert Jr Lockwood, Johnny Shines, Lazy Lester, Little Walter, Buddy Guy & Junior Wells, Otis Rush, Little Walter et bien entendu les figures tutélaires du Chicago Blues électrifié, Muddy Waters et Howlin’ Wolf. Membre attitré de l’orchestre de ce dernier douze années durant, Gray revendique aussi le funeste honneur d’avoir accompagné Elmore James lors de son ultime performance en 1963. Comme nombre de musiciens de l’ombre (et sans que leur valeur ne soit en cause), Henry Gray n’a entamé une carrière personnelle que sur le tard. Il avait déjà près de 70 ans quand parurent ses premiers enregistrements nominatifs (“Blues Won’t Let Me Take My Rest” sur Lucky Cat Records en 99), et son dernier album solo (le judicieusement intitulé “92”) date de 2017. Conscient de côtoyer et soutenir l’un des derniers dépositaires de pans entiers du blues historique, Bob Corritore porte ici témoignage de l’ample versatilité du répertoire de ce modeste géant débonnaire, et la liste des convives résonne comme un bottin de cette musique. Tenez vous bien, on retrouve ici à ses côtés rien moins que John Brim, Robert Jr Lockwood, Tail Dragger, Bob Margolin, Eddie Taylor Jr, Rockin’ Johnny Burgin, Kirk ‘Eli’ Fletcher, Bob Stroger et au rayon drumsticks, le regretté Chico Chism, ainsi que Brian Fahey et Marty Dodson. Seul musicien toujours présent aux côtés de Gray au fil des 14 plages que comporte cette anthologie, Bob Corritore propose de redécouvrir un vétéran encore plein de sève, et en totale maîtrise de ses moyens. Le répertoire est à l’avenant, et se répartit entre standards judicieusement revisités (“Going Down Slow”, “Don’t Lie To Me”, ou encore le “Going Away Baby” de Jimmy Rogers et le “Mother In Law Blues” de Don Robey) et originaux bien troussés. La performance vocale de Tail Dragger sur “Hurt Your Feelings” offre la pétrifiante impression d’entendre Howlin’ Wolf revenu d’entre les morts, tandis qu’Henry Gray assure également le chant sur de réjouissantes adaptations, telles que le “Mojo Boogie” de J.B. Lenoir ou “The Twist” de Hank Ballard (y rappelant ses propres origines louisianaises). Bref, que du bon, du tout bon, de l’excellent et du réjouissant : thank you, Bob !

 

– Patrick Dallongeville


 

Rootstime.be (Belgium) (October 2020)

 

Henry Gray (°1925, Kenner, Louisiana) is een Afro Amerikaans Chicago blues pianist en zanger. Gray groeide op in Alsen, LA, ten Noorden van Baton Rouge. Op zijn achtste volgde hij bij buurvrouw Mrs. White piano lessen. Enkele jaren later, speelde hij in de plaatselijke kerk piano en orgel. Gray speelde blues vooral bij Mrs. White, omdat hij thuis hiervoor weinig gehoor kreeg. Op zijn zestiende trad hij al op in een club in Alsen. Omdat zijn vader zag dat zijn optredens geld opbrachten, steunde hij zijn zoon. In 1943 ging Gray bij het leger. Gedurende WO II was hij aan het front. Daar trad hij regelmatig op voor de soldaten. Voor het einde van WO II keert hij terug naar Alsen, om wat later te verhuizen naar Chicago. In Chicago (1946-1968) hing hij vooral rond in jazz en blues clubs. Daar trok hij de aandacht van Big Maceo Merriweather. Merriweather was in Chicago een belangrijk jazz en blues pianist. Ze werden bevriend en via Merriweather geraakte Gray in contact met belangrijke bands en club eigenaars. Hij kon zo samen werken met het “Little Hudson’s Red Devil Trio” (van Hudson Showers) en gitarist Morris Pejoe, voor hij als sessie muzikant ging werken met Jimmy Reed, Bo Diddley, Billy Boy Arnold, Pejoe e.a. Zijn eerste opname sessie deed hij in 1952 met Jimmy Rogers. Gray werkte occasioneel samen met ‘Little’ Walter, die Gray de bijnaam “Bird Breast” gaf.

 

In 1956 wordt Gray lid van de band van Howlin’ Wolf, waar hij twaalf jaren zijn eerste pianist is. In deze periode werkt hij ook als sessie muzikant en neemt hij op voor ‘Chess Records’. Hij deed opnamen samen met Abb Lock, Sonny Boy Williamson II, Homesick James, Robert Lockwood, Jr., Billy Boy Arnold, Muddy Waters, Johnny Shines, Hubert Sumlin, Lazy Lester, Little Walter Jacobs, Otis Rush, Buddy Guy, James Cotton, Little Milton Campbell, Jimmy Rogers, Jimmy Reed, Koko Taylor e.a. In 1963 speelde Gray, de nacht dat James stierf aan een hartaanval, met Elmore James. In 1968 stapt Gray uit de band om terug te gaan naar Alsen, na de dood van zijn vader, om zijn moeder te helpen in de viszaak van zijn familie. Gray werd een belangrijk muzikant in de Louisiana music scene, gekend voor zijn “swamp blues” stijl.

 

In de voorbije dertig jaren trad Gray op tijdens alle grote Amerikaanse festivals. Om er (willekeurig) enkele te noemen: ‘New Orleans Jazz & Heritage Festival’, ‘Chicago Blues Festival’, ‘Montreal Jazz Festival’, ‘Baton Rouge Blues Festival’, ‘Memphis’ W.C. Handy Blues Festival’, ‘King Biscuit Blues Festival’…Gray tourde in Europa en is te horen op Europese releases. In 1988 bracht ‘Blind Pig Records’ hier zijn eerste LP “Lucky Man”. In 1990 brengt Gray bij het ‘Wolf Records’ label “Louisiana Swamp Blues” uit. In 1998 ontvangt hij een Grammy Award voor zijn album “A Tribute To Howlin’ Wolf”. In hetzelfde jaar treedt hij op in Parijs tijdens het concert ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van Mick Jagger. In 1999 tourt Gray in Europa met Marva Wright. In 2001 neemt hij “Watch Yourself” en “Henry Gray Plays Chicago Blues” op. In 2003 volgt er een CD/DVD “Henry Gray & the Cats: Live in Paris”. Ook in 2003 is Gray te zien (samen met Ray Charles, Dr. John, Pinetop Perkins en Dave Brubeck) in Clint Eastwood’s “Blues Piano”, die deel uitmaakte van Martin Scorsese’s reeks over “The Blues”. De discografie van Henry Gray is goed voor meer dan achtenvijftig albums.

 

In 1996 ontmoetten Gray en Corritore elkaar voor het eerst. Ze zijn samen te horen op Corritore’s “All-Star Blues Sessions” (1999), “Harmonica Blues” (2010) & “Longtime Friends In The Blues” feat. Tail Dragger (2012) en Gray’s “Plays Chicago Blues” (2001). Op Gray’s negentigste verjaardag is “The Henry Gray / Bob Corritone Sessions Vol. 1 Blues Won’t Let Me Take My Rest” (2015) uitgebracht. Op dit eerste deel staan veertien nummers, die in de voorbije jaren 1996 – 2015 werden opgenomen, inclusief vier nog nooit eerder uitgebrachte nummers. En nu op 4 december, dus vijf jaar later zal er van deze sessies Vol 2. verschijnen met als titel “Cold Chills”. De songs voor deze cd werden opgenomen in sessies tussen 1998 – 2018, het jaar dat Henry niet meer op doktersvoorschrift kon vliegen. Op deze collectie nummers horen we naast Henry Gray die op acht nummers zelf zingt enkele speciale gasten John Brim, Tail Dragger, Eddie Taylor Jr., Jimi Primetime Smith, Chief Schabuttie Gilliame … maar de gastenlijst is werkelijk heel lang. Er is uiteraard op iedere track piano en harmonica te horen, maar het is de rotatie in de line-up en de keuze van de nummers die het doen.


Blues Blast Magazine (November 5, 2020)

Bob Corritore has issued the second volume of his collaborative work with the great pianist and singer Henry Gray. Recorded over 20 or so years and spanning 1998 to 2018, Bob gives us a mix of stuff that has appeared elsewhere but is mostly newly released stuff. A host of players support Gray and Corritore here; Henry visited Bob annually at Bob’s Rhythm Room in Phoenix after visiting in 1996. Henry could no longer fly after the 2018 session due to his health and passed on January 17th this year right after his 95th birthday, so this is a fitting tribute to the great musician.

The sessions included the likes of Bob Margolin, John Brim, Robert Lockwood, Jr., Eddie Taylor, Jr. Tail Dragger, Jimi “Primetime” Smith, Chief Schabuttie Gillliame, Johnny Rapp, Chris James, Kirk Fletcher, Illinois Slim, Johnny Burgin, Chico Chism, Bob Stroger, Troy Sandow, Paul Thomas, Patrick Rynn, Pops McFarlane, Mario Moreno, Brian Fahey, Steve Cushing, and Marty Dodson. A host of talent along with the fantastic Henry Gray and Bob Corritore.

The first session they recorded at the club produced “Ain’t No Use,” which is the 10th track, and “The Twist” which follows it sequentially and was from their last session. One can contrast Gray’s aging vocals over time (never an issue and he does an amazing job even at 94) but his piano remained steady and jumping when it needed to. From the opening strains of the title track (where Henry lays out some slick piano and truly emotive vocals while Corritore blows some dirty harp and Bob Margolin hits us with some fine guitar) to “Going Down Slow” to close the album (with Johnny Rapp laying out mean licks with Henry and Bob) we get to hear some stellar tracks.

I know Bob and Henry had a wonderful relationship and Henry’s passing is something Corritore and we all regret. Thanks to Bob for capturing this great music for all eternity for us to hear!

– Steve Jones

WTJU New Blues & Soul (November 9, 2020)

Henry Gray, a beloved Baton Rouge blues singer and pianist has passed away, according to his family and friends. He was 95. Henry Gray died around 9 p.m. on Feb. 17. A post from his great-grandson, DeAndre Tate, made the announcement…. “It is with great sadness that I formally announce that my Great Grandfather Henry Gray has transitioned”. Gray performed for decades and was one of the greatest blues player of all time. Click here to listen a tribute to him in an interview / news announcement. (https://www.wafb.com/2020/02/18/baton-rouge-blues-legend-henry-gray-dies/)

Bob Corritore plays harmonica backing Gray on all of the songs on this set. The list of musicians is too long to recognize everyone backing players over time included John Brim, Robert Lockwood, Jr, Bob Margolin, Eddie Taylor, Jr Johnny Bergin and Kirk Fletcher among others on guitar; Chico Chism and Steve Cushing, among on drums; and Bob Stroger and several more on bass. This is a fitting tribute.

– Dave Rogers

Living Blues (November 2020)

When pianist Henry Gray died in February of this year at the age of 95, one of the very last voices of the postwar blues era was silenced. Although for years he’d been living in Baton Rouge, Louisiana, where he’d grown up, his name will forever be associated in most blues lovers’ minds with Chicago, where he lived for over 20 years and worked with such luminaries as Jimmy Reed, Little Walter, Rice Miller (Sonny Boy Williamson II), and Howlin’ Wolf.

Phoenix, Arizona–based harpist and club owner Bob Corritore, who has dedicated most of his career to booking, working with, and recording immortals from that fabled blues era, cut multiple sessions with Gray between 1996 and 2016. This disc features tracks from 15 of those sessions, spanning the entire 20 years of their recorded musical relationship (Gray continued to travel to Phoenix to perform at Corritore’s club, the Rhythm Room, until 2018, after which his health no longer permitted him to make the trip).

The tracks, which include well-known standards, at least one Henry Gray original, and quite a few previously unheard or obscure rough-cut diamonds, aren’t in chronological order, and there are no recording dates given for most of them, but it’s clear that Gray’s gifts remained virtually undiminished, even in his 90s. From the first note of the searing Cold Chills (Gray’s personalized recasting of a Jimmy Reed standard, for which he takes composer credit) through Corritore’s final harp fade-out on Going Down Slow (on which Gray’s gutsy vocals and barrelhouse-rattling piano jubilantly belie the resigned pathos of the lyrics), his piano work is unerring, his voice brawny and sure (even if his Bayou State accent seems to have become more prominent over time). On harp, Corritore channels the spirits of the ancestors—both Walters, both Sonny Boys, Jimmy Reed—with unerring accuracy, but he infuses enough of his own imagination and musical personality to avoid slavish imitation.

Aside from the stellar performances from the co-leaders, though, the most remarkable thing about this set is the array of sidemen and accompanists on hand—start with Robert Lockwood Jr., John Brim, Chico Chism, Bob Stroger, Eddie Taylor Jr., Tail Dragger, and go on from there. All in all, this is a full-frontal blast of sounds that refuse to grow old, purveyed by some of their past and present masters—not nostalgia, not a “revival,” but an in-the-moment celebration of music and life.

– David Whiteis